Mag het in deze tijden van solidariteit ook eens over mij gaan?

Vroeger trachtte ik in de ochtend
de waas op wangen weg te vagen.
Ik mat de lengte van mijn bakkebaarden op de kaken
en haalde haren die volhardden weg uit neusgaten.
Dat was het dan wel.

Sinds corona rondwaart kijk ik vaker naar mezelf
op al die schermen.

Ik zie de lijnen in mijn kop verschijnen
het donker uit mijn haar verdwijnen.
En waar komt dat zwart
onder mijn ogen vandaan?

– Niek Hermsen

Op mezelf

ik hol niet meer
vlieg nergens heen
ik ga naar mijn werk
in de hoek van de kamer
mijn laptop verschaft mij
een digitaal leven
mijn smartphone bezorgt
mijn geliefden aan huis

de horror komt binnen
de angst en de onrust
de moedeloosheid
en soms de paniek

en toch ook het voorjaar
de liefde van mensen
de nieuwe slimme
wijzen van zijn

de vogels de zon
het klotsende water
als troostend geluid
langs mijn eenzaam balkon

– Rineke Terlouw

groeten uit de petrischaal

dit turfgevecht is uit de hand gelopen
    kom kind niet zo zeuren
    desinfecteren we de boel en leven
    door op Mars
geen paniek? vrij spel?

    game over en begin opnieuw
geen nieuwbeginnen aan wanneer je
deze groei moet stelpen in je eentje
zet een oude emmer onder duizend lekken

    we weten wat er moet gebeuren, toch?
als alle lichamen
kleur bekennen privileges tellen geld
zichzelf bekijken met ogen van glas

dan kunnen we tegen de glazen randen
verder groeien
    gezellig

– Eelkje Christine Bosch

Alcohol

Ik kom een beetje zot.
Want ik mag nergens heen.
Dus kweek ik in mijn kot.
Een klein drankprobleem.

– Hanna

Plaatsvervangend

Stilte werd opnieuw verdeeld
en heerst op ongewenste plekken.
Als schaamte vindt het wegen
naar wie er nooit om heeft gevraagd.
Het sluipt en kruipt
door de kieren van je huis
naar binnen,
terwijl ergens anders
oorverdovend hard verlangd wordt
naar momenten zonder ruis.
Mijn wens niet gestoord te worden,
krijgt geheel opnieuw betekenis,
terwijl jij in plaatsvervangende stilte
op precies hetzelfde hoopt
en je afvraagt hoe lang het al geleden is
dat iemand het doorbrak.

– Yanaika Zomer

X/Y

we herschikken de wereld
dat ze al op orde is verandert
weinig aan die werkelijkheid

er zijn soms dingen die moeten
die voel je dan dringen
verstopt achter je huid
ergens in je bloedbaan in wat
je uitademt

we mogen wat verder
van elkaar wegblijven
we kriskrassen ons
afstandsgewijs door elkaar
als formules

– Richard Nobbe

Ooit

Nu is handen wassen
Nu is gebakken broodjes thuis
Nu is 1000 x aandacht voor een puzzelstukje
Nu is handen wassen
Ooit is zorgeloos dobberen in een verre zee
Nu is handen wassen…

– Angelique Van Lieshout

Sterven in isolatie

Jij die je menszijn gaat verliezen
bent de enige die er nog menselijk uitziet;
wij die gezond zijn, ingepakt,
ontmenselijkt in schijngestalte.

Hier heerst de angst en de onwerkelijkheid:
je wordt omfladderd
door bizarre wezens uit de onderwereld.
Je schreeuwt, weert af, hijgt zwaar,
bent verward door wat je ziet:
de nachtmerrie van een doodsstrijd
wreed geënsceneerd in real-time
wegwerpmaterialen.

Dit is Jeroen Bosch twee-punt-nul:
de pestmeester postmodern, het vogelmasker
vervangen door spatbril en mondkap.

het moet het moet het moet het…

Maar waar is je troost?
Kun je vleugels knippen uit
een disposable schort?
herken je de vervormde stem
van je kleinzoon door de speaker?
Die pestvogel die tweemaal daags je hand
geschoeid beetpakt en je wang
rubberig streelt,
snap je dat het je dochter is?
Waar is je troost?
Waar ben ik?

Een leven lang heb je je afgevraagd
hoe je sterven zou zijn,
als jonge meid luchtig,
als moeder bezorgd,
als oude vrouw soms berustend,
maar nooit zal je – al werd je nog zo oud –
zo’n draconische fantasie hebben gehad,
dan te sterven in isolatie.

– Christian van Zitteren

de toekomst in je ogen

Ik kijk en zie de toekomst in je ogen

Geen angst, 

zelfs niet wanneer je spreekt 

Over een virus dat de maalstroom

van het leven heeft herschreven

in tijd, 

geen tijd 

of eeuwigheid.

Je praat, lacht, ageert, omhelst

Alsof dagen en dingen 

Alleen in het ogenblik bestaan.

Het verdrijft soms de zorgen die

Met de cadans van het nieuws 

vreemd verstrengeld raken.

Je speelt en beweegt alsof

Je harmonieert met de natuur

Een schril contrast 

met de opgelegd opgeslotenen 

en hun beeldschermcultuur

Ik vraag me af

Is dit een straf

Van een wereld die is uitgebuit, 

uitgezogen 

en met verstikkende dampen 

werd omgeven

Kijkend naar mezelf zie ik 

Medeplichtigheid en een dans 

met de dood

Maar in jouw ogen zie ik leven

– Jos Reijnders